De tien mooiste…

Sven Kramer en Ireen WüstOnlangs was ik wat aan het rondsurfen op de website van Studio Sport. Ineens kwam ik op een pagina met profielen van o.a. de analisten, commentatoren en presentatoren. In deze rubriek beantwoorden personen als Dione de Graaff, Hugo Borst, Mart Smeets, Frank Snoeks en vele anderen een aantal vragen, waaronder de vraag wat hun mooiste sportmoment is. Vervolgens ging ik zelf nadenken over wat ik het mooiste sportmoment vind en kwam ik op het idee een log te maken met daarin de tien mooiste sportmomenten. Natuurlijk zijn deze vrij recentelijk, ik kan natuurlijk niet het winnen van het EK ’88 als mijn mooiste moment gaan opschrijven terwijl ik toen pas twee jaar oud was. Al met al kwam ik tot de volgende lijst:

10. Richard Krajicek wint Wimbledon in 1996.
Het beeld van de op de knieën vallende Krajicek na zijn overwinning op MaliVai Washington in de finale van het traditionele grastoernooi op Wimbledon is er één om in te lijsten. Hét hoogtepunt in het Nederlandse tennis van de afgelopen jaren, hét hoogtepunt in de tenniscarrière van Krajicek.

9. Pieter van den Hoogenband wint de 100 meter vrij op de O.S. in Athene 2004.
Op de 100 meter vrije slag, het koningsnummer in het zwemmen, prolongeerde Pieter van den Hoogenband op de Olympische Spelen van Athene zijn titel en won daarmee wederom Olympisch goud. Pieter versloeg in een uiterst spannende finale Roland Schoeman. Tot op de laatste meters leek het alsof Pieter de strijd ging verliezen, maar The Dutch Dolphin kwam er overheen en won.

8. Gerard van Velde wint goud op de 1000 meter op de O.S. 2002 in Salt Lake City.
Van Velde had zijn schaatsen al aan de wilgen gehangen toen Ritsma hem vroeg als trainingsmaatje. Van Velde leerde rijden op de klapschaats en kwam terug op het hoogste niveau. Hij was altijd de man van net niet, eens ging er al ternauwernood een Olympische medaille aan hem voorbij. Tijdens de Spelen van Salt Lake in 2002 schaatste hij echter fenomenaal op de 1000 meter en bracht het tot een wereldrecord. Tot verbazing van volk en vaderland won hij de afstand en daarmee Olympisch goud.

7. Sven Kramer en Ireen Wüst kronen zich tot wereldkampioenen allround 2007 in Thialf.
De twee TVM-schaatsers Kramer en Wüst presteerden al goed op het EK allround en op diverse worldcups. In Thialf zijn ze één der favorieten. Kramer neemt het op tegen Fabris en Davis en Wüst heeft als grote concurrenten Friesinger en Klassen. De twee presteren drie dagen buitengewoon en worden met groot machtsvertoon wereldkampioenen allround 2007 in hun eigen Thialf in Heerenveen.

6. Ellen van Langen wint goud op de 800 meter op de O.S. 1992 in Barcelona.
Van Langen zat in de finale van de 800 meter en maakte daarbij een slechte start. Haar concurrenten kwamen voor haar en van Langen liep enige tijd in vijfde positie. Dan de laatste bocht; Theo Reitsma zegt “het kan nog” en Ellen van Langen doet het. Ze komt binnendoor en verslaat in de laatste meters de koploopster. Theo Reitsma schreeuwt het uit: “Goud, goud voor Ellen van Langen, ontzettend groot is deze triomf.” Het was voor het eerst sinds Fanny Blankers-Koen dat Nederland een gouden medaille behaalde op een loopnummer en tot nu toe tevens de laatste.

5. Goal Bergkamp tegen Argentinië op het WK 1998 in Frankrijk.
Het is 1-1 tussen Nederland en Argentinië en men lijkt af te stevenen op een verlenging. In de slotseconden van de wedstrijd verstuurt Frank de Boer een pass naar Dennis Bergkamp. Bergkamp neemt de bal aan, kijkt en scoort. Het is 2-1 voor Nederland met nog officieel 20 seconden op de klok. Nederland plaatst zich uiteindelijk voor de halve finale. Dit moment wordt nog eens benadrukt door het prachtige, uitbundige commentaar van Jack van Gelder voor de NOS.

4. Marianne Timmer wint driemaal goud op een Olympische Spelen met 8 jaar tijdsverschil.
Timmertje, Timmertje wat ga je doen? De legendarische woorden van commentator Frank Snoeks spookten afgelopen O.S. in Turijn weer door ieders hoofd. Marianne Timmer won namelijk wéér goud en wel op de 1000 meter. Acht jaar daarvoor won ze ook al goud op de Spelen in Nagano op zowel de 1000 als de 1500 meter. Ze schreef geschiedenis door als eerste vrouw op twee verschillende Spelen goud te winnen. Zowel in 1998 als in 2006 won ze goud op 19 februari, de sterfdag van vriendin en teamgenoot Renske Vellinga rond de Spelen van 1994 in Lillehammer. Toeval?

3. Inge de Bruijn en haar drie gouden plakken op de Spelen in Sydney, 2000.
Drie gouden plakken behalen is knap en vooral als dat gebeurt op Olympische Spelen. Het is echter nog knapper als je drie gouden plakken tijdens één en dezelfde Spelen kunt behalen. Inge de Bruijn was zo iemand die dat wat bijna onmogelijk geacht werd mogelijk maakte. Tijdens de Olympische Spelen van 2000 in Sydney werd zij de kampioen met goud op de 50 meter vrij, de 100 meter vrij en de 100 meter vlinderslag. En daarnaast mogen we natuurlijk de bronzen plak op de 4×100 meter wisselslag niet vergeten. Een ongekend grootse prestatie van Inge de Bruijn. Drie keer goed voor goud en daarmee de koningin van Sydney. En vier jaar later in Athene schitterde ze nog eens met medailles in diverse kleuren en daarbij prolongeerde ze zelfs de titel op de 50 vrij.

2. Ajax wint de Champions League in 1995.
Onder leiding van Louis van Gaal herrees Ajax naar een nieuw hoogtepunt in haar bestaan. In 1995 waren ze niet alleen de baas in Nederland, maar ook de baas in Europa. Ajax verloor geen duel in de Champions League, het kampioenenbal, van 1995. In de finale mocht het aantreden tegen het grote AC Milan en het bleef lang 0-0. Vervolgens brengt van Gaal de jonge Patrick Kluivert in het veld, een talent uit de Ajax-opleiding. Dan is het moment daar; Overmars heeft de bal en speelt naar Davids die hem weer aflegt op Rijkaard. Rijkaard geeft de pass op Patrick Kluivert en die schuift hem beheerst achter de doelman. 1-0 Kluivert, 1-0 Ajax. Het resulteert in de overwinning en de grootste triomf sinds jaren voor de Amsterdammers.

1. Leontien Zijlaard-van Moorsel wint goud in de tijdrit op de O.S. van 2004 in Athene.
Het blijft toch de mooiste… Zondag 15 augustus 2004, Olympische Spelen, de wegwedstrijd voor vrouwen. De absolute topfavoriete is Leontien Zijlaard-van Moorsel, het zullen haar laatste Spelen zijn. Maar dan slaat het noodlot toe; Leontien kijkt om, raakt verstrikt in een ander stuur en valt. Ze moet naar het ziekenhuis en de Spelen lijken definitief voorbij. Een dramatisch einde. Maar Leontien zou Leontien niet zijn als ze zich niet terugvocht. Een week later staat ze aan de start van de tijdrit. Heel de wereld is verbijsterd, want Leontien rijdt iedereen naar huis wint op fabelachtige wijze de race. Daar staat Tinus uit Boekel wederom op het Olympische podium en weer met goud in haar handen. Leontien huilt en heel Nederland huilt met haar mee. Tranen van vreugde dat wel, tranen die nooit vergeten zullen worden. Geweldig!