Foekje Dillema: van mysterie tot mythe

Foekje Dillema5 december 2007, een sinterklaasdag zoals alle anderen. Echter, ergens in het Friese land, in het dorpje Burum op precies te zijn, neemt een 81-jarige vrouw die dag afscheid van het leven. Een definitief afscheid, niet enkel van haar eigen leven, maar ook van de geheimen die zij met zich mee haar graf in zal dragen. Daarmee is in feite op 5 december 2007 haar ‘boek’ gesloten, maar in tegenstelling tot die constatering begint men op die bewuste avond met de ontrafeling, of misschien beter gezegd, met een uiteenzetting van één der grootste mysteries uit de Nederlandse sportgeschiedenis.

Een fenomeen
We hebben het hier over het mysterie Foekje Dillema, een voormalig atlete die opdook tegen de jaren ’50. Het waren de jaren van Fanny Blankers-Koen. De sprint was haar domein, jarenlang al. Blankers-Koen won op de Spelen van 1948 in Londen maar liefst vier keer goud en dat maakte haar tot de grote ster in de atletiekwereld. Vrijwel niemand was in die tijd sneller dan Fanny Blankers-Koen. Tot dat op een dag Foekje Dillema de wereld verbaasde. Ze liep al enkele plaatselijke wedstrijden en de Friezen waren bezeten van haar. Men wilde op de voorste rij zitten als dit fenomeen over de atletiekbaan stormde. Blankers-Koen was echter niet zo gecharmeerd van haar concurrente, ze zou haar status namelijk wel eens aan kunnen tasten en haar niet meer zo onoverwinnelijk doen zijn als ze al die jaren was geweest. Foekje bleef echter goed presteren en zelfs in Engeland was men al voorbereid op de komst van het Friese fenomeen dat zo geweldig hard kon sprinten. Op 18 juni 1950 schreef Foekje dan ook geschiedenis, zoals dat past bij de status fenomeen. Ze liep voor het oog van het koningshuis het nationale record op de 200 meter, dat op naam stond van Fanny Blankers-Koen, uit de boeken. 24.1 was de nieuwe toptijd en daarmee was Foekje Dillema in één klap de snelste vrouw op aarde. Met het oog op de Spelen van 1952 werden haar al gouden medailles toegedicht. Het liep echter heel anders. Het succesverhaal kreeg ineens een andere wending.

Ik loop niet tegen een vent
Zo blij als Foekje was met haar nationale record, zo verbeten keek Fanny Blankers-Koen bij de constatering dat iemand anders uit Nederland haar had verslagen. En niet enkel Fanny zelf, maar ook haar man Jan Blankers was met haar ‘not amused’. Dillema werd een grote bedreiging voor de aankomende EK waarop Blankers-Koen nog één keer wilde schitteren. Dillema leek die plannen te gaan dwarsbomen en de carrière van Blankers-Koen heel anders te laten eindigen dan zij aanvankelijk zelf voor ogen had. Foekje Dillema moest dus uit de weg worden geruimd en lukte dat niet op de atletiekbaan, dan maar daarbuiten. In die tijd voerde de atletiekbond nog de zogenaamde sekse-testen uit. Dit was voor Jan Blankers dé uitgelezen kans om Dillema voor eens en voor altijd het zwijgen op te leggen. Binnen de atletiekwereld lag in die tijd niet het gevaar van bedrog in het gebruik van doping, maar juist in het feit dat mannen zich uit gingen geven voor vrouw om zo geschiedenis te schrijven. En laat het nu net zo zijn dat Foekje Dillema diverse mannelijke trekken had. Andere atleten zagen stoppels op haar kin en haar lengte en bouw waren ook verdacht. Bovendien had ze ook nog een zware stem. Sommigen fluisterden dat het wel een man moest zijn. Blankers-Koen en Foekje Dillema liepen in die tijd slechts enkele keren in een rechtstreeks duel tegen elkaar. Fanny Blankers-Koen ging die duels namelijk altijd uit de weg, bang om haar meerdere te moeten erkennen in de getalenteerde Foekje. Het argument dat Fanny aanvoerde was: “Ik loop niet tegen een vent.”

Het zwijgen opgelegd
In die tijd ging men ook internationaal wedstrijden lopen en ook Foekje Dillema was geselecteerd voor de nationale ploeg. Enige tijd voor een grote reis naar Frankrijk kreeg een vijftal atleten een brief op de mat met daarin de orders om zich te melden voor een sekse-test bij de KNAU. Zo ook Dillema. Ze ging, het moest immers wel. En die gebeurtenis, die test, veranderde haar leven voor eens en altijd. Vlak voor de reis naar Frankrijk werd Foekje uit de trein gehaald. Het was op 13 juli 1950. Ze mocht niet mee. De reden was dat ze was afgekeurd, want ze was een man. Vervolgens liep ze het station in waar de andere atletes stonden en deelde hen mede: “Ik mag niet mee, ze zeggen dat ik een man ben.” Het waren de laatste woorden die ze ooit tegen de atletieksport zou uitspreken. Ze keerde die dag terug naar Friesland om daar twee jaar lang ondergedoken in haar huis te blijven en vervolgens door te gaan met wat zou resulteren in een eenzaam en verwoest leven. De grote atlete Dillema werd het zwijgen opgelegd, nooit meer zouden haar benen mogen spreken. De lovende vooruitzichten zouden nooit meer waarheid worden.

Manipulatie
Fanny Blankers-Koen sprak nooit of te nimmer meer over de gebeurtenissen omtrent de beruchte test die Foekje Dillema onderging. Jan Blankers, de man van Fanny, had in die tijd een hoge functie binnen de KNAU en vele tongen beweerden dat hij de test gemanipuleerd had om het imago van Fanny te redden. Fanny won vervolgens op het EK haar drie gouden medailles, beeïndigde vervolgens enkele jaren later dan gepland haar carrière en zou later benoemd worden tot atlete van de eeuw. En Dillema? Die kwijnde weg in het Friese Burum, nooit meer sprekend over datgene, wellicht dat onrecht, dat haar in die tijd was aangedaan.

DNA spoor
Enkele dagen geleden rakelde het hele verhaal Foekje Dillema weer op doordat een tv-programma op zoek was gegaan naar de waarheid omtrent het geslacht van Foekje Dillema. Na haar overlijden is er DNA van haar kleding afgenomen en onderzocht. De conclusie was dat Foekje Dillema wel degelijk een vrouw was, maar dat zij enkele afwijkingen had in haar chromosomen. Vrouwen hebben namelijk XX chromosomen en mannen hebben XY chromosomen. Foekje had de XX chromosomen die constateerden dat ze een vrouw was, maar daarentegen had ze ook enkele cellen met XY chromosomen. Een zeldzaam iemand dus, maar niet uniek, want er zijn meer gevallen bekend. Dat ze een vrouw was is dus pakweg een half jaar na haar dood vastgesteld. Foekje Dillema is dus altijd ten onrechte geschorst van de door haar zo geliefde sport, althans op grond van een bewering die onjuist was; ze was geen man. Echter, in de tijd van de sexe-testen was het zo, dat als men ook maar een Y chromosoom in het lichaam had, dat men hoe dan ook geschorst werd. Ze is dus in principe wel volgens de regels geschorst, want ze was echt niet de enige die op die manier onthouden werd van haar sport.

Ontrafeling van een mysterie
Mysterie opgelost zou je dus zeggen, maar volgens Max Dohle, de auteur die momenteel bezig is met een biografie omtrent het leven van Foekje Dillema, is dit nog maar het begin. De echte ontrafeling van het geheim rondom Foekje Dillema zal gedaan worden in zijn boek over haar leven. Volgens hem is de mythe nog niet ontrafeld na deze tv-uitzending. Dohle beweert ook dat het niet Jan Blankers was die achter de uitschakeling van Foekje Diellema zat. Interessante bevindingen dus. Dillema zelf sprak echter nooit meer over haar carrière, verscheen niet meer in de media en stierf uiteindelijk een eenzame dood. Ze heeft altijd geleefd met een geheim dat wellicht niemand ooit meer precies zal kunnen achterhalen. Dat Foekje Dillema gekwetst was dat was wel duidelijk, want elke keer als ze atlete Fanny Blankers-Koen op tv zag schitteren smeet ze de wekker tegen de beeldbuis aan. Vol afgrijzen over de atlete die de successen behaalde die wellicht voor Foekje in het verschiet hadden gelegen. Dillema vond nooit meer het geluk dat ze in die tijd vond op de sintelbaan. Toch bleef ze de sport altijd trouw, nog enigszins actief en bovenal ook passief. Een eenzame dood maakte vervolgens een einde aan een tragisch leven. Enige troost was dat de KNAU na haar dood de records van Dillema weer erkende en terug plaatste in de recordboeken. Maar Dillema had daar niets meer aan, haar einde was immers al gekomen. Het werd het einde van een levend mysterie, maar het begin van de uiteenzetting van een mythe.